Regio Zuid-Kennemerland

Onze werkzaamheden zijn te verdelen in drie categorieën; gebiedsbrede uitvoering, regiospecifieke uitvoering en gemeentespecifieke uitvoering. De regiospecifieke uitvoering voor Zuid-Kennemerland leest u hieronder. Voor de gemeentespecifieke uitvoering selecteert u hieronder uw gewenste gemeente.

De regio Zuid-Kennemerland is een zeer diverse regio, zowel qua gebied, als bedrijvigheid. Tot de gemeenten in de regio rekenen we Bloemendaal, Haarlem, Haarlemmerliede en Spaarnwoude, Heemstede en Zandvoort. De binnenstad van Haarlem, de strandpaviljoens en het circuit aan zee en recreatiegebied Spaarnwoude met alle evenementen die daar plaatsvinden, zorgen gedurende het jaar voor een grote toevloed aan bezoekers en recreanten van binnen en buiten de regio. De wens om hieraan ruimte te bieden en tegelijk het groene (woon)karakter van de gemeente te waarborgen maakt dat sprake is van een eigen dynamiek. Bedrijven met een bovengemiddeld risico bevinden zich met name op de industrieterreinen in Haarlem.

Analyse en prioriteiten

Horeca en horecagebonden bedrijvigheid vormt in de regio Zuid-Kennemerland een bovengemiddeld onderdeel van de uitvoering van ODIJ. De binnenstad van Haarlem, tezamen met het grote aantal recreatieve voorzieningen in deze regio zijn hier debet aan. Op plekken waar mensen recreëren ervaren andere mensen overlast. Het merendeel van de klachten in de gemeenten Haarlem, Bloemendaal en Zandvoort is horecagerelateerd.

Waar een regionaal en bovenregionaal belang onderscheiden kan worden is op de ketensamenwerking met betrekking tot asbest, grondstromen en afval.

In het kader van de Omgevingswet is ODIJ bij gemeenten Bloemendaal en Heemstede lid van het programmateam dat samen met de afdelingen van de gemeenten de implementatie verzorgt. In gemeente Haarlem is ODIJ lid van het ontwerpteam dat samen met de VTH-afdeling van gemeente Haarlem en provincie Noord-Holland inzoomt op concrete casussen en werkprocessen.

Duurzame ontwikkeling

In het portefeuillehoudersoverleg Natuur en Milieu Zuid-Kennemerland is besloten om vanuit circulaire economie in te zetten op de afvalstoffen luiers/incontinentiemateriaal en e-waste. Voor luiers/incontinentiemateriaal wordt het landelijk onderzoek naar deze afvalstroom gevolgd. Voor de verwerking van E-waste wordt onderzoek verricht naar de verwerking van E-waste.

Verduurzaming gebouwde omgeving

De verduurzaming van de gebouwde omgeving, vooral de bestaande bouw zal in 2017 worden doorgezet en opgeschaald. In de regio’s Zuid-Kennemerland en IJmond wordt samen met provincie Noord-Holland en gemeenten , vanuit Regionaal Actieprogramma Wonen de kennis en aanpak voor de verduurzaming van de huursector in Lerende Netwerken besproken.

De verduurzaming van en energiebesparing bij bestaande bouw bij particulieren krijgt in 2017 een impuls door nadrukkelijker het Duurzaam Bouwloket te promoten. Thema voor 2017 is een uitwerking van een business case voor zon op huurwoningen in de regio’s IJmond en Zuid-Kennemerland en het verduurzamen van flatgebouwen.

Een ander thema is duurzaamheid incorporeren in de Woonvisies en Prestatieafspraken tussen gemeenten en woningcorporaties en huurders(koepels).

Ook voor de particuliere sector wordt samen met bouw- en installatiebedrijven, architecten en energiecollectieven verduurzaming uitgerold.

Productmarktcombinaties

VNG heeft voor 2016/2017 € 50.000,- beschikbaar gesteld voor de ontwikkeling van Productmarktcombinaties (PMC’s) voor alle voorkomende woningtypes in Zuid-Kennemerland en IJmond. Er is een alliantie gevormd en een stichting opgericht bestaande uit marktpartijen die gezamenlijk de markt van particulieren huiseigenaren betreden met een uitgekiende marketingstrategie en op de doelgroepen afgestemde communicatiecampagne.

De alliantie bestaat uit bouwpartijen, architecten en installateurs die zich verenigd hebben in Stichting Huizen aanpak. Het werkgebied strekt zich uit over IJmond en Zuid-Kennemerland.

In april 2017 moet het actieplan klaar zijn. Bij een positieve beoordeling door VNG worden de middelen beschikbaar gesteld voor de uitvoering van de projecten. In 2017 kunnen dan 6 tot 8 PMC operationeel gemaakt worden en kan worden gestart met de uitvoering.

Bodem

Eind 2016 zijn in de Kennemerlandgemeenten (m.u.v. Haarlem) de bodemkwaliteitskaart en Nota Bodembeheer vastgesteld en zijn presentaties gehouden bij de gemeenten om toelichting te geven op de reikwijdte en werkingssfeer. In 2017 zullen gemeenten, bij onderzoek en grondverzet, hierover geadviseerd worden en zal getoetst worden volgens dit kader. Met de Nota Bodembeheer is gemeentespecifiek beleid opgesteld waarmee ruimere mogelijkheden worden gecreëerd voor hergebruik van licht verontreinigde grond binnen de regio. Voordelen die de nota met zich brengt zijn ruimere afzetmogelijkheden voor grond met behoud van de bodemkwaliteit op gebiedsniveau en besparing op onderzoekskosten en afzetkosten.

Geluid

De Wet geluidhinder vormt het juridische kader voor het Nederlandse geluidbeleid. De Wet bevat een uitgebreid stelsel van bepalingen ter voorkoming en bestrijding van geluidhinder door onder meer industrie, wegverkeer en spoorwegverkeer. De Wet richt zich vooral op de bescherming van de burger in zijn woonomgeving en bevat normen voor de maximale geluidbelasting op woningen en gevoelige objecten.

Geluidkaarten en Actieplan omgevingsgeluid

De Geluidskaarten en het Actieplan omgevingsgeluid vloeien voort uit de Europese Richtlijn Omgevingslawaai die gericht is op de evaluatie en de beheersing van geluid van (spoor)wegen, industrie en luchtvaart. Door een goede beheersing van het omgevingslawaai kan het aantal geluidgehinderden in drukke regio’s worden beperkt. Hoge geluidsniveaus kunnen namelijk op langere termijn schadelijke effecten hebben voor de gezondheid van de mens.

In 2017 worden voor de derde keer (na 2007 en 2012) geluidsbelastingkaarten (5 jaarlijks) opgesteld voor de gemeente Zandvoort, Bloemendaal (inclusief Bennebroek), Heemstede, Haarlemmerliede en Spaarnwoude. Deze kaarten beschrijven de geluidssituatie in het jaar 2016 vanwege de volgende geluidsbronnen: verkeerswegen, railverkeer, grootschalige industriële activiteiten en luchtvaart. Het opstellen van deze kaarten wordt aangegrepen om ook het geluidmodel voor wegverkeer (GeoMilieu) van ODIJ te actualiseren. In het Actieplan geluid geeft het college vervolgens aan hoe zij de geluidshinder van met name wegverkeerslawaai in de komende periode wil beperken. Deze wordt in 2018 geactualiseerd waar mogelijk rekening houdend met kaders vanuit de (nieuwe) Omgevingswet.

Voor de vaststelling van de geluidbelastingkaarten is een geluidmodel met de wegen, gebouwen en andere omgevingskenmerken van de gemeenten Bloemendaal, Heemstede en Zandvoort opgesteld. Dit model wordt behalve voor het maken van de geluidbelastingkaarten ook gebruikt voor het berekenen van geluidbelastingen voor ruimtelijke plannen. Dit doet ODIJ zelf, of wij verstrekken de gegevens uit dit geluidmodel aan adviesbureaus voor hun akoestische onderzoeken.

De gemeenten Bloemendaal en Heemstede hebben voor de actualisatie van hun verkeersmodel aangesloten bij Verkeersmodel Zuid Kennemerland (regionale verkeersmilieukaart). Deze is in 2016 geactualiseerd. De nieuwe verkeersgegevens uit dit model zullen worden ingelezen in het geluidmodel voor Bloemendaal, Heemstede en Zandvoort. Voor Bloemendaal en Heemstede kunnen daarna actuele geluidbelastingen worden berekend. Gemeente Zandvoort heeft niet deelgenomen aan het actualiseren van het verkeersmodel voor Zuid-Kennemerland, waardoor voor deze gemeente moet worden teruggevallen op een minder gedetailleerd model. Voor Haarlemmerliede en Spaarnwoude is op basis van de lokale situatie geen verkeersmodel aanwezig of benodigd.

In 2017 zal tevens onderzocht worden of het mogelijk is het geluidmodel voor Bloemendaal, Heemstede (en Zandvoort) met het Actueel hoogtebestand Nederland in overeenstemming te brengen. Hiermee zal een verbetering van de nauwkeurigheid van geluidberekeningen en geluidbelastingkaarten bereikt worden.

Natuur en biodiversiteit

De Wet natuurbescherming wordt in 2017 van kracht. De rol van de provincie wordt hiermee aanzienlijk vergroot. De wet vervangt de Flora- en faunawet, de Natuurbeschermingswet 1998 en de Boswet. De gemeenten blijven de spin het web bij gemeentelijke vergunningen en ruimtelijke ontwikkeling via de Wabo.

De beheerplannen van de Natura 2000-gebieden zijn onder meer vanwege onduidelijkheid in de aanpak van de stikstofproblematiek nog niet definitief. In 2015 is de zogenoemde Programmatische Aanpak Stikstof (PAS) van kracht geworden. De PAS is vooral bedoeld om vergunningverlening bij bedrijven te verbeteren.

De VTH-taken van de provincie met betrekking de natuurbescherming zijn ondergebracht bij Regionale Uitvoeringsdienst Noord-Holland Noord (RUDNHN). ODIJ onderhoudt voor de gemeenten de contacten met RUDNHN.

Advisering ruimtelijke en bouwplannen

Ruimtelijke onderbouwing

Het is van belang om bij ruimtelijke planvorming milieu een volwaardige plaats te geven in de belangenafweging. Voor een deel is deze afstemming verankerd in wet- en regelgeving, voor een ander deel moet er sprake zijn van goede ruimtelijke ordening. Voor het nemen van een ruimtelijk besluit is het van belang dat er bij het plan een ruimtelijke onderbouwing opgesteld wordt. In deze ruimtelijke onderbouwing komen aan bod externe veiligheid, geluid, luchtkwaliteit, milieuzonering, bodem, ecologie en duurzaam bouwen.

In principe stelt de initiatiefnemer de ruimtelijke onderbouwing op en toetst het bevoegd gezag deze op volledigheid en juistheid. ODIJ toetst de milieuparagraaf op verzoek van de gemeenten. In gevallen dat de gemeente de initiatiefnemer is, stelt ODIJ de milieuparagraaf van de ruimtelijke onderbouwing voor gemeenten op. Voor benodigde onderzoeken (zoals bodemonderzoek, akoestisch onderzoek, ecologische onderzoek) begeleidt ODIJ, namens de gemeenten, deze onderzoeken. ODIJ vraagt dan offertes op en doet aan de gemeente een gunning advies en begeleidt en beoordeeld de onderzoeken.

Daarnaast ondersteunt ODIJ de gemeente ook bij Raad van State procedures in het kader van de ruimtelijke planvorming. Dit vind zowel “achter de schermen” en als woordvoerder namens de gemeente plaats.

Milieueffectrapportages

Bij projecten met een (mogelijk) aanzienlijk gevolg voor het milieu is het noodzakelijk een milieueffectrapportage (MER) op te stellen. ODIJ toetst in voorkomende gevallen of een MER noodzakelijk is en welke procedure er gevolgd moet worden. Daarnaast biedt ODIJ ondersteuning bij het opstellen en beoordelen van het MER. In 2017 verwachten we in ieder geval milieueffectrapportages voor bestemmingsplan.

Adviseren bestemmingsplannen

Een bestemmingsplan is een resultaat van een integrale ruimtelijke afweging, waarbij ook alle milieuonderwerpen worden meegewogen. Een belangrijke kerntaak van ODIJ is adviseren over de milieuaspecten van de integrale afweging. In 2017 voeren wij de milieutoets uit voor bestemmingsplannen (nieuw of actualisatie). ODIJ adviseert per bestemmingsplan gemiddeld drie keer (voorontwerp, ontwerp en definitief plan). Afhankelijk van wijzigingen in de planning bij gemeente kunnen er wijzigingen optreden.

Advisering bouwplannen

Standaard worden toegezonden bouwplannen gecheckt op de Flora- en fauna- en Natuurbeschermingswet 1998, geluid, bodem, milieubeheer, duurzaam bouwen en asbest i.r.t sloop.